nieuws

Rubberdeeltjes kunnen afkomstig zijn van twee primaire bronnen: natuurrubber en synthetisch rubber.

Natuurrubberdeeltjes worden voornamelijk gewonnen uit de latex van de Hevea brasiliensis-boom, die van oorsprong uit Brazilië komt, maar tegenwoordig vooral wordt geteeld in Zuidoost-Aziatische landen zoals Maleisië en Indonesië. Wanneer de bast van de boom wordt ingesneden, sijpelt er latex uit, een melkwitte vloeistof. Deze latex bestaat voor ongeveer een derde uit water en voor een derde uit rubberdeeltjes in een colloïdale suspensie. Deze deeltjes worden gevormd in gespecialiseerde latexproducerende cellen, laticiferen genaamd. Het rubber in latex is een polymeer van isopreen, met de chemische formule (C₅H₈)ₙ. Na de winning ondergaat de latex een verwerkingsproces om de rubberdeeltjes te isoleren en te verfijnen.

Synthetische rubberdeeltjes daarentegen worden door de mens gemaakt in chemische fabrieken. Petrochemische grondstoffen dienen als uitgangsmateriaal. Neopreen (polychloropreen) wordt bijvoorbeeld gemaakt door acetyleen te laten reageren met zoutzuur. Emulsie-styreen-butadieenrubber (E-SBR), dat veel gebruikt wordt in autobanden, is een andere synthetische variant. Het proces omvat polymerisatiereacties onder specifieke omstandigheden om polymeren met rubberachtige eigenschappen te creëren, die vervolgens tot deeltjes worden verwerkt.

Naast nieuwe rubberbronnen is gerecycled rubber ook een belangrijke bron voor rubberdeeltjes. Afvalmaterialen zoals gebruikte banden, rubberen zolen en andere rubberproducten worden ingezameld. Deze worden versnipperd, vermalen en verwerkt tot rubberdeeltjes.


Geplaatst op: 23 juni 2025